Meten en berekenen van de luchtkwaliteit

In de IJmond wordt de luchtkwaliteit bepaald op basis van metingen. Daartoe maakt de provincie gebruik van een meetnet. Naast de metingen door de provincie, wordt de luchtkwaliteit ook gemonitord door het Rijk. Zij doen dat op basis van berekeningen. De uitkomsten hiervan bepalen in hoeverre deze regio voldoet aan Europese normen. Hieronder worden de termen meten en bereken verder toegelicht.

Meten

De provincie Noord-Holland meet in samenwerking met Tata Steel (beheerder van een van de meetpunten) en de Omgevingsdienst IJmond op een zestal locaties in de IJmond de luchtkwaliteit. Het luchtmeetnet van de provincie Noord-Holland is een aanvulling op het Landelijk Meetnet Luchtkwaliteit (LML) van het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM). Het LML geeft de provincie niet voldoende detailinformatie over de regio IJmond. De metingen worden uitgevoerd om inzicht te krijgen in de concentratieniveaus van luchtverontreinigende componenten in dit gebied, het volgen van het trendmatig verloop van het concentratieniveau, het vaststellen van de bijdrage van lokale bronnen aan de luchtverontreiniging en het vergelijken van metingen met luchtkwaliteitsnormen.

  • Actuele data over het landelijke, maar ook regionale meetnet staan op Luchtmeetnet.

Extra stoffen

Na een evaluatie in 2016 is door alle betrokken partijen besloten om het meetnet intact te houden. Op deze wijze continueren zij de optimale setting van het meetnet, zoals die in 2011 is ingezet, en houden zij via een dekkend netwerk van meetpunten de uitstoot van zware industrie goed in beeld. Het intact houden van het huidige meetnet zorgt er ook voor dat de trendontwikkeling van fijnstof op de meetstations kan worden gevolgd. Daarnaast is het aantal soorten stoffen dat gemeten wordt in bewoond gebied uitgebreid. Zo zijn er roetmeters aangeschaft voor de meetstations Kanaaldijk (IJmuiden) en Banjaert (Wijk aan Zee) en is in Beverwijk West zware metalen en PAK’s toegevoegd aan het meetpakket. Provincie Noord-Holland presenteert resultaten van het meetnet via een datarapportage, opgesteld door GGD Amsterdam.

Rekenen

De minister van I&M stelt jaarlijks in maart de zogenaamde ‘achtergrondkaart' vast. Deze wordt gebaseerd op de Grootschalige Concentratiekaarten Nederland (GCN) van het RIVM. De in de achtergrondkaart vastgestelde fijn stofconcentraties worden opgenomen in modellen voor het berekenen van luchtkwaliteit en de monitoringstool van het Nationaal Samenwerkingsprogramma Luchtkwaliteit. Genoemde fijn stofconcentraties worden berekend op basis van metingen van het RIVM, gecombineerd met gerapporteerde emissies van grote bedrijven, emissies van verkeer, consumenten en landbouw en overige emissies. De berekende fijn stof concentraties zoals vastgelegd in de achtergrondkaart en de GCN hebben op basis van de Wet milieubeheer een formeel juridische status.

Verschillen meten/rekenen

In de diverse rapportages over de luchtkwaliteit in de IJmond die afgelopen jaren zijn verschenen, was er een verschil tussen de berekende concentraties en de daadwerkelijk gemeten concentraties. Dat is inmiddels opgelost. Allereerst is een tweetal extra lokale meetstations geplaatst door de provincie voor het nauwkeuriger kunnen bepalen van de fijnstofbronnen in de regio. Daarnaast is de rekenmethode van het Rijk verfijnd. Op deze manier wordt nu specifieker naar de lokale situatie gekeken en worden berekeningen gemaakt op basis van 250x250 meter, in plaatst van de gebruikelijke 1.000x1.000 meter. Hierdoor ontstaat een genuanceerder beeld en zijn de berekende en de gemeten fijnstofconcentraties meer met elkaar in overeenstemming.


Datarapporten

Elk jaar publiceert Provincie Noord-Holland een datarapportage, dat wordt opgesteld door GGD Amsterdam.